Interview met Arnon Grunberg

Update 25 - de Klant -  Augustus 2015

Dit keer een inspirerend gesprek met bekend schrijver en columnist Arnon Grunberg over verschillende aspecten van informatiebeveiliging en aangrenzende gebieden.

5 vragen aan ...... Arnon Grunberg, schrijver en columnist



Zoals u van ons gewend bent laten we in de Madison Gurkha Update ook altijd een relatie aan het woord over zaken die te maken hebben met IT-beveiliging in de meest brede zin van het woord. Dat zijn meestal personen die werkzaam zijn in het vakgebied. Tijdens de Black Hat Sessions waar we schrijver en columnist Arnon Grunberg als bezoeker mochten verwelkomen, kwamen we op het idee dat een (relatieve) buitenstaander wel eens een verfrissende kijk zou kunnen hebben.

 

Zou je jezelf willen introduceren voor onze lezers?
Ik ben Arnon Grunberg, in 1994 debuteerde ik met mijn roman Blauwe maandagen. Sinds die tijd heb ik circa twintig boeken geschreven, waaronder een dozijn romans. Verder ben ik columnist, schrijf onder andere een dagelijkse column voor de Volkskrant en doe van tijd tot tijd tot journalistieke projecten, zo ben ik onder ander een paar keer in Irak en Afghanistan geweest, maar ook op Guantánamo Bay en heb ik in Beieren ‘undercover’ als kamerjongen gewerkt in een hotel. Om maar een greep te doen uit mijn projecten.
In het kader van mijn novelle Het bestand ben ik een jaar of twee geleden begonnen met onderzoek naar cyber en alles wat daarbij hoort. Omdat ik het gevoel had dat ik nog niet klaar was met dit onderwerp – wanneer ben je ooit klaar met een onderwerp? – ben ik doorgegaan met het onderzoek ten behoeve van een artikel voor NRC Handelsblad.

Wat is de top-drie van interessante openbaringen die je tijdens je interviews bent tegengekomen?
Ik heb niet de illusie dat ik op openbaringen ben gestuit die kenners niet zouden weten. Maar als ik een top-drie zou moeten maken, en ik kan niet alles verklappen wat ik in mijn artikel ga schrijven dat nog niet gepubliceerd is, dan valt mij op dat er radicaal tegenstrijdige geluiden te horen zijn. Sommigen zeggen dat het helemaal misgaat, op het gebied van privacy en op het gebied van kwetsbaarheden ten overstaan van zogenaamd vijandelijke organisaties, en dat het slechts een kwestie van tijd is voor het misgaat. Anderen verklaren dat het apocalyptische denken historisch gezien vrijwel altijd ongelijk heeft gekregen. Beide kampen hebben redelijk tot goede argumenten voor zover ik kan overzien.
Verder geloof ik niet dat de gemiddelde burger beseft hoeveel informatie je volstrekt legaal van het internet kan plukken en dat je die informatie alleen maar hoeft te combineren om vrij gedetailleerde informatie over burger X of burger Y te krijgen. Het versleutelen van data zou op middellange termijn een oplossing kunnen zijn, maar zoals we weten doen de meeste burgers dat niet en we weten dat je ook maar één keer een foutje hoeft te maken en de versleuteling is niets meer waard. We brengen ons leven dus door, uitzonderingen daargelaten, in relatieve openbaarheid. Dat we ons daarvan niet bewust zijn komt omdat we de gluurders niet zien.
Het derde wordt mooi samengevat door een man die internetbeveiliging bij een grote bank doet: mensen beseffen niet dat ze niet langer producten kopen, maar zelf het product zijn. [noot van de redactie: een vaak geciteerde bron van dit citaat is http://www. metafilter.com/95152/Userdriven-discontent#3256046]. Wij zijn dragers van informatie en die informatie kan waardevol zijn. Het ideaal is dat de mens doel is, maar het lijkt erop dat we een stukje de andere kant op zijn gegleden: we zijn meer en meer middel geworden.

“De nachtmerrie is niet: geen privacy. De nachtmerrie is: ongezien blijven”

Welke (ethische) risico’s zie jij bij het klakkeloos delen van persoonlijke informatie op sociale media?
Die zijn hierboven al enigszins geschetst. Men vergeet nog altijd hoe makkelijk reputatieschade kan ontstaan en men lijkt ook niet te beseffen dat sociale media niet zo besloten zijn als een huiskamer of de toog van een kroeg. Maar, en dat heb ik ook als eens in de VPRO Gids geschreven: mensen vinden het minder erg om hun privacy op te geven én gezien te worden dan om niet gezien te worden en privacy te hebben. De nachtmerrie is niet: geen privacy. De nachtmerrie is: ongezien blijven.
Het privacy-debat, voor zover het nog een debat is, gaat uit van de foute aanname dat iedereen op privacy zit te wachten. Dat valt wel mee. Vrees ik.


© Boekface

Bestaat privacy nog wel in onze huidige samenleving of is de geest uit de fles en krijgen we die er nooit meer in terug?
Meer dan twee jaar geleden zei Rop Gonggrijp al: ‘Als je echt privacy wil, laat je telefoon thuis en ga wandelen in het Amsterdamse Bos.’ Dat is ook zo. Aan de andere kant, de stelling dat de overheid die niet weet waarnaar zij zoekt moeite heeft iets te vinden, is ook waar. We moeten van big data ook weer geen almachtmachines maken. Als je kijkt naar de advertenties die Google op je afstuurt, dan zie je dat het systeem toch nog wel erg ruw en ongenuanceerd werkt. Informatie verzamelen is een ding, informatie verwerken is iets heel anders. Ik denk juist omdat er zoveel unknown unknowns zijn om met Rumsfeld te spreken, niet alleen voor de leek maar zelfs voor de expert is mijn indruk, genereert cyberparanoia. Voor wie daarvoor gevoelig is. Zaak is om niet naïef te zijn maar ook om niet te vervallen in ziekelijke achtervolgingswaan. Ongemerkt een revolutie plannen is erg moeilijk, maar wie geen vijand van de staat is en bewust omgaat met sociale media e.d. kan rekenen op enige privacy. De duivel zit in die paar woorden ‘vijand van de staat’, want wie bepaalt wie de vijand van de staat is?

Wat zijn jouw denkbeelden over de nieuwe (Europese) wetgeving op het gebied van (het melden van) datalekken en gegevens-/privacybescherming?
Volgens vrijwel alle experts die ik heb gesproken loopt de wetgeving achter de feiten aan en is die wetgeving op zijn best al verouderd als die geïmplementeerd wordt. Bovendien weet ik dat wetgeving geen problemen oplost, hooguit verplaatst. Een debat over privacy zou moeten beginnen met de vraag wat privacy eigenlijk is. Wat zijn geheimen, wat mogen bedrijven van hun klanten weten, mogen ze die informatie doorverkopen, mag je zelf zeggen, in het kader van de vrije markt, mijn informatie is te koop?
Nu lijkt het erop dat als we over privacy spreken iedereen het over iets anders heeft, een beetje zoals met liefde.







 

@Secura 2018
Webdesign Studio HB / webdevelopment Medusa